vrijdag 31 december 2010

Raymond Impanis : Het Bakkertje van Berg

De Vlaamse wielrenner Raymond Impanis is op 85-jarige leeftijd overleden. Impanis werd in 1925 geboren als bakkerszoon te Berg, een deelgemeente van Kampenhout. Het Bakkertje van Berg, zoals zijn nogal logische bijnaam in het peloton luidde, werd prof in 1947. Datzelfde jaar won hij in zijn debuut in de Tour de France meteen een rit, met name de tijdrit naar Saint-Brieuc, met 139 km nog steeds de langste tijdrit ooit in de Tour. Maar liefst 8 renners die voor hem waren gestart werden die dag door hem voorbijgereden. Hij eindigde dat jaar ook op een erg knappe 6de plek in het eindklassement. Impanis reed daarna nog twee keer top tien in de Tour (10de in 1948 en 8ste in 1950).

Naast een fantastisch tijdrijder was hij ook beresterk in het klassieke werk. Zijn topjaar was 1954 toen hij de legendarische 'dubbel' won, zeges in zowel de Ronde van Vlaanderen als Parijs-Roubaix. Het zou in beide monumenten wel zijn enige overwinning blijven. Verder won hij ook de Waalse Pijl (1957), twee keer Gent-Wevelgem (1952, 1953), twee keer Dwars door Vlaanderen (1949, 1951), en eindigde hij maar liefst 4 keer tweede in Luik-Bastenaken-Luik. Daarnaast moeten we zeker zijn podiumplaats in de Ronde van Spanje (3de in 1956), zijn 3 ritwinsten in de Tour de France en zijn twee eindzeges in de rittenkoers Parijs-Nice (1954, 1960) vermelden. In 1963 hing Impanis na een lange, succesvolle carrière zijn fiets aan de wilgen.

Het Bakkertje van Berg zal nog heel lang herinnerd blijven en door commentatoren en andere wielerfreaks regelmatig opgerakeld worden omwille van twee uitzonderlijke records die hij op zijn naam heeft. Naast winnaar van de reeds vermeldde langste tijdrit ooit in de Tour (een record dat hij wel voor altijd zal behouden), is hij namelijk ook de man die het vaakst heeft uitgereden in Parijs-Roubaix. Maar liefst 16 keer trotseerde hij tout l'Enfer du Nord en bolde hij in Roubaix over de meet. De Nederlander Servais Knaven (ook al een éénmalige winnaar van deze wedstrijd) evenaarde dit in 2010 maar ging daarna met pensioen waardoor het record van Impanis toch overeind zal blijven, en als men bedenkt hoe uitzonderlijk wat Knaven daar deed al is geworden in het hedendaagse wielrennen, zal misschien ook dit record wel de eeuwigheid ingaan. Met Raymond Impanis verliest de koers weer een grote held en al wie zijn palmares een beetje kent weet dat hier één van de belangrijkste renners van de jaren '50 is gesneuveld.

maandag 20 december 2010

Henri van Daele : Pitjemoer

De Vlaamse jeugdauteur Henri van Daele is op 64-jarige leeftijd overleden. Van Daele was slechts 17 jaar toen hij zijn verhaal Rik wordt brigand (1964) publiceerde als nummer 571 van de Vlaamse Filmkens. In de loop van de volgende jaren zou hij nog 17 afleveringen van de toen nog bijzonder populaire reeks van korte jeugdboekjes voor zijn rekening nemen. Na zijn studies ging hij aan de slag als eindredacteur van het tijdschrift van de Landelijke Bedienden Centrale waar hij bleef tot hij in 1993 voltijds schrijver werd. Van Daele had sedert zijn debuutroman in 1967 echter al een monumentaal oeuvre aan kinder -en jeugdboeken bijeen geschreven. Gedurende de jaren '80 en '90 schreef hij elk jaar wel 3 à 4 boeken. Hij schreef onder andere voorleesboeken, fantasy, sprookjes, historische jeugdromans en autobiografische verhalen over zijn eigen kindertijd. Zijn bekendste boek is Pitjemoer (1980), een pakkend verhaal over zijn grootvader, dat overladen werd met prijzen. Daarnaast zijn ook zijn talrijke bewerkingen en hertalingen van klassiekers, legenden en sprookjes veel gelezen, zo bijvoorbeeld Tijl Uilenspiegel (1993) en Reinaart de vos, de felle met de rode baard (1996). Ook schreef hij een aantal romans voor volwassenen.
Van Daele gold als één van de grootste mastodonten binnen de hedendaagse Vlaamse jeugdliteratuur. Hij won gedurende zijn schrijverscarrière een karrenvracht literaire prijzen, waaronder maar liefst vier keer een Boekenwelp. Reeds in 1983 had hij de hoofdvogel afgeschoten toen hij de Driejaarlijkse Staatsprijs voor Jeugdliteratuur ontving. Heel wat van zijn werk werd vertaald in het Frans en het Duits, maar ook Engelse, Noorse, Deense, Spaanse, Estlandse en zelfs Chinese vertalingen zagen het licht. Henri van Daele publiceerde in totaal meer dan 160 boeken.






















vrijdag 17 december 2010

Captain Beefheart : the strangest album ever sold

De Amerikaanse zanger-saxofonist en cultfiguur Captain Beefheart is op 69-jarige leeftijd overleden aan de gevolgen van multiple sclerose. Geboren als Don Van Vliet, zoon van eigenaars van een tankstation, en opgegroeid in een buitenwijk van Los Angeles, leerde hij op school zijn medescholier Frank Zappa kennen. Beiden hadden een passie voor rhythm & blues en ze raakten bevriend. Zappa was degene die voor Van Vliet de stage name Captain Beefheart bedacht. In latere jaren zou Captain Beefheart ook meespelen op enkele platen van Frank Zappa & The Mothers of Invention. Met zijn begeleidingsband The Magic Band bracht 'The Captain' in 1967 zijn debuutplaat Safe As Milk uit. Zijn muziek bouwde verder op blues en jazz maar gaf er een chaotische, avantgardistische en vlakweg dissonante wending aan. Zijn teksten behoren tot de meest surrealistische lyriek uit de hele popgeschiedenis. Toen zijn platenlabel hoorde hoe onbeluisterbaar het afgewerkte album was, zette het The Captain meteen aan de deur, het zou de eerste keer in een lange reeks zijn dat hij op zoek mocht naar een nieuwe platenfirma. Ook met zijn muzikanten had hij steeds een gespannen verhouding. The Magic Band veranderde in de loop der jaren dan ook ontelbare keren van samenstelling.

Zijn magnum opus is zonder twijfel Trout Mask Replica (1969). De coverhoes van de plaat (foto rechts) -waar The Captain op prijkt als een kruising tussen een goochelaar en Admiral Ackbar- laat al aanvoelen dat we hier met een surrealistisch hoogstandje te maken hebben. Niet voor niets staat de plaat ook wel bekend als 'the strangest album ever sold'. Deze dubbelelpee bestaande uit 28 nummers zou hij in éénenkele sessie van 8 uur geschreven hebben aan de piano, een instrument dat hij niet eens kon spelen. De opnamesessies van Trout Mask Replica zijn ronduit legendarisch, men zou er hele boeken over kunnen schrijven. The Captain sloot zijn muzikanten gedurende 8 maanden op in een klein huurhuis waar ze niet uit mochten en elke dag gedurende 14 uur of meer moesten repeteren. Als een ware dictator ging hij tekeer tegenover zijn bandleden waarbij hij er soms één uitpikte die hij dagen aan een stuk liep uit te schelden tot ze waren verworden tot een huilend brokje ellende. Ze hadden bijna geen geld, moesten maanden aan een stuk overleven met één blikje bonen per dag en zagen er na verloop van tijd allemaal uit als kadavers. Ook gebruikte The Captain hypnose om hen zover te krijgen dat ze de muziek exact brachten zoals ze in zijn hoofd had geklonken. Het had veel weg van een commune met Captain Beefheart als de secteleider met een hoge Charles Manson-factor.

Uiteindelijk kreeg The Captain dan toch onderdak bij een groot platenlabel toen hij tekende bij Virgin waarop hij zijn laatste 5 platen uitbracht. Voor vele van zijn rabiate fans was hij op deze platen al te 'conventioneel' geworden. Ondertussen was hij al enige tijd vrij intens bezig met schilderen. Begin jaren '80 raadde zijn galeriehouder Michael Werner hem ten stelligste aan om te stoppen met muziek maken indien hij als beeldend kunstenaar 'serieus' wou worden genomen, anders zou hij steeds als een muzikant die ook nog wat schildert geboekstaafd blijven. En The Captain volgde die raad blindelings op. Of hoe er in de meest non-conformistische l'art-pour-l'art bohémien toch een naar erkenning en waardering hunkerende bourgeois kan schuilgaan. Zijn afscheid van de muziek was definitief. Ice Cream For Crow (1982) was zijn laatste album. Met zijn schilderwerk scheerde hij nooit echt hoge toppen zodat het angstbeeld van Werner toch bewaarheid werd en Captain Beefheart vooral met zijn muziek de eeuwigheid zal ingaan.

Captain Beefheart is een figuur die ook na zijn dood ontzettend tegengestelde meningen blijft oproepen. Voor de enen is hij een opgehypete LSD-junkie die atonale zever brengt, voor de anderen is hij één van de grootste genieën uit de naoorlogse muziekgeschiedenis. In ieder geval valt zijn invloed op generaties latere muzikanten en groepen bijna niet te overschatten, vooral in de punk en de new wave, maar ook vele hedendaagse alternatieve rockgroepen blijven door hem geïnspireerd geraken.

Hieronder het nummer Ella Guru, één van de meer toegankelijke nummers uit Trout Mask Replica.

woensdag 15 december 2010

Blake Edwards : Breakfast at Tiffany's

De Amerikaanse regisseur en scenarist Blake Edwards is op 88-jarige leeftijd overleden aan de gevolgen van een longontsteking. Geboren in een familie van filmmakers begon hij zijn carrière in Hollywood als acteur in allerlei kleine rolletjes. Nadat enkele van zijn scenario's al waren verfilmd kreeg hij ook de kans om zelf in de regisseursstoel te kruipen. Zijn debuutfilm Bring Your Smile Along verscheen in 1955. Edwards brak in 1961 door met Breakfast at Tiffany's, zijn verfilming van de beroemde novelle van Truman Capote, met Audrey Hepburn in een schitterende hoofdrol. Alhoewel de prent een stuk zoeteriger is dan Capote's boek blijft het natuurlijk een meesterwerk. De goddelijke Hepburn als Holly Golightly met haar lange sigarethouder blijft een iconisch beeld van de jaren '60. De film is tevens beroemd omwille van de song Moon River die componist Henry Mancini speciaal voor de film schreef en die in de oorspronkelijke versie door Audrey Hepburn zelf gezongen werd. De song (waarvoor Mancini een Oscar kreeg) groeide uit tot één van de bekendste ballades aller tijden en werd eindeloos vaak gecovered door allerlei muzikale grootheden zoals Frank Sinatra, Louis Armstrong, Shirley Bassey, Morrissey en vele anderen.

Na het succes van Breakfast at Tiffany's schreef en regisseerde Blake Edwards de komedie The Pink Panther (1963). Hiervoor creëerde hij het ondertussen legendarische typetje van inspector Clouseau, de altijd stuntelende rechercheur met het overdreven Franse accent die gespeeld werd door acteur Peter Sellers. De film was een megasucces aan de bioscoopkassa's. Naast de film zelf was ook een animatiefiguurtje van een roze panter dat in de begingeneriek voorkwam zo waanzinnig populair bij de filmmaatschappij en het publiek dat het zijn eigen tekenfilmserie kreeg die we natuurlijk allemaal kennen. Ook de theme song van de film -wederom geschreven door componist Henry Mancini- is een klassiek deuntje geworden en werd ook in de animatieserie steevast gebruikt. Edwards regisseerde in de loop van de jaren nog 6 sequels van The Pink Panther met Peter Sellers als Clouseau, en allen waren onverdeelde kassuccessen.

Naast deze franchise scoorde Edwards nog een aantal andere hitfilms, waaronder de komedie 10 (1979) waarin hij de acteercarrière van überbabe Bo Derek lanceerde die in alweer een iconische scène uit de zee komt gelopen naar Dudley Moore toe. Edwards was de laatste 41 jaar van zijn leven in een naar Hollywoodnormen bijzonder stabiel huwelijk met zijn muze, de bekende actrice Julie Andrews (de ster van de musicals The Sound of Music en Mary Poppins). In 2004 kreeg Blake Edwards de zogenaamde Academy Honorary Award, een Oscar voor zijn gehele carrière.


Hieronder de scène uit Breakfast at Tiffany's waarin Audrey Hepburn Moon River zingt.




En hier de "Nice deuggy"-scène uit The Pink Panther Strikes Again (1976) waarin inspector Clouseau in een Beierse herberg arriveert.

maandag 13 december 2010

Richard Holbrooke : The Bulldozer

The Bulldozer, zo werd Richard Holbrooke nog genoemd. De Amerikaanse diplomaat had die bijnaam verdiend omdat hij altijd recht op zijn doel afging en daarbij regelmatig op wat tenen trapte. Vice-president Joe Biden vond hem "the most egotistical bastard I've ever met". De voormalige opperbevelhebber in Afghanistan, generaal McChrystal, stopte met zijn Blackberry te checken, omdat hij de stroom e-mails van Holbrooke kotsbeu was.

Holbrooke begon zijn diplomatieke carrière in Vietnam. Het was pas in de jaren '90 dat hij voor het grote publiek bekend werd toen hij de Dayton-akkoorden in goede banen leidde, die een einde maakten aan de burgeroorlogen in het voormalige Joegoslavië. Hij werd goede vriendjes met de Servische president Slobodan Milosevic. Beide mannen spraken elkaar met hun voornaam aan en er zijn verhalen van Holbrooke en Slobo die 's morgens vroeg aan de brandy zaten te nippen in Dayton, Ohio. Milosevic zou Holbrooke ooit eens getrakteerd hebben op een diner dat 11 uur aansleepte. De Amerikaan had er geen probleem mee om op zulke goede voet met de Serviër te staan. "I make no apologies for negotiating with Milosevic and even worse people, provided one doesn't lose one's point of view", zo zei hij nog. Het eindresultaat, dat was al dat telde voor Holbrooke.

Maar de laatste jaren liet hij hier en daar wel een steekje vallen. In '99 slaagde hij er niet in om Milosevic uit Kosovo te krijgen. En zijn laatste missie overschaduwde al de rest: Afghanistan. In januari 2009 werd hij aangesteld als speciaal afgezant voor Afghanistan en Pakistan. Hij deed zijn bijnaam alle eer aan door na de louche Afghaanse presidentsverkiezingen van dat jaar een serieuze ruzie met de Afghaanse herkozen president Karzai te hebben. Holbrooke had het over fraude bij de verkeizingen, wat dan weer in het verkeerde keelgat van de Afghaan schoot. De twee zaten al snel op elkaar te roepen. Het mocht niet baten.

Holbrooke overleed aan een gescheurde aorta. Hij werd 69. Zijn laatste woorden tegen zijn Pakistaanse dokter spreken wel boekdelen...: "You've got to stop this war in Afghanistan."

maandag 29 november 2010

Leslie Nielsen : "I am serious. And don't call me Shirley."

De Canadese acteur Leslie Nielsen is op 84-jarige leeftijd overleden aan de gevolgen van een longonsteking. In 1956 maakte Nielsen zijn filmdebuut, een hoofdrol in de sciencefictionfilm Forbidden Planet die zou uitgroeien tot een kanjer van een cultklassieker. Daarnaast schitterde hij ook als de kapitein in The Poseidon Adventure (1972), naast talloze rolletjes in tv-series en (b-)films.

Zijn grote doorbraak kwam er pas op latere leeftijd. In 1980 werd hij namelijk voor het eerst gecast in een komische rol, als de dokter in de rampenfilm-parodie Airplane!. Deze lowbudget-film werd een enorme hit aan de bioscoopkassa's en vooral Nielsen met zijn deadpan-humor werd de verrassende ster van de cast. Kenmerkend is de uitspraak van zijn personage, in antwoord op de vraag "Surely you can't be serious?", "I am serious. And don't call me Shirley." Deze quote was zo populair dat ze uitgroeide tot een staande grap in de Engelse taal. Nielsen, die voorheen door het leven ging als een obscuur acteur van vaak zware dramatische rollen, vond met Airplane! pas zijn ware talent en werd vanaf toen zowat uitsluitend gecast in komedies. Daar zouden een aantal klassiekers in het genre bijzitten maar ook een aantal nogal flauwe pogingen.

Leslie Nielsen zal waarschijnlijk vooral herinnerd worden omwille van The Naked Gun (1988). In dit gigantisch wereldwijd kassucces schitterde hij in de hoofdrol van de klungelende rechercheur Frank Drebin, met onder andere O.J. Simpson, Priscilla Presley en wijlen Anna Nicole Smith in de bijrollen. Hij hernam die rol voor de al even populaire sequels The Naked Gun 2 1/2 (1992) en The Naked Gun 33 1/2 (1994). Nielsen bleef tot kort voor zijn dood actief als acteur. Hij speelde de laatste jaren onder andere nog de president in de Scary Movie reeks, en zal dan ook weldra postuum nog te zien zijn wanneer Scary Movie 5 verschijnt. Ook waren er concrete plannen om nog eens een vierde deel van The Naked Gun te maken (maar of dit met de dood van Nielsen nu nog zal doorgaan lijkt heel onzeker). In totaal acteerde Leslie Nielsen gedurende zijn lange carrière in een 250-tal films en televisieseries.

Hieronder brengt Nielsen in een scène uit Airplane! nog eens zijn beroemdste oneliner.



En hier nog een staaltje The Naked Gun:

zondag 28 november 2010

Samuel Cohen : De neutronenbom

Veel te veel schade. Dat dacht Samuel T. Cohen, lid van het Manhattan-project dat de atoombom ontwikkelde, na de ontploffingen van de atoombommen op Hiroshima en Nagasaki (Over de schade aan mensenlevens zullen we maar zwijgen). Dat kan beter.
En zo dokterde hij in 1958 de neutronenbom uit. Die ERW (Enhanced Radiation Weapon) had als doel: zoveel mogelijk mensen naar de andere wereld helpen en tegelijktertijd zo weinig mogelijk schade veroorzaken. Een nobel concept, zo zal Cohen gedacht hebben.

Een neutronenbom heeft 'slechts' een tiende van de kracht van een 'normale' atoombom en gebruikt vooral de vrijgekomen neutronen als wapen. Er is nog wel de extreme ontploffing en de hitte van een gewone atoombom, maar de straling is zo hoog dat het aantal slachtoffers veel hoger ligt. De neutronen gaan immers door gebouwen en gepantserde voertuigen heen, waar de mensen die zich daarin verschuilen bij een atoombom nog ergens een kans op overleven hebben. Wat de urban legend dus ook moge beweren, er is wel degelijk schade bij de ontploffing van een neutronenbom, hoewel die wel minder is dan bij een normale nuke.

De eerste test was ondergronds, in 1963. De ontwikkeling ervan werd in 1978 stopgezet door toenmalig president Carter, die stormen van protest kreeg toen hij de neutronenbom in Europa wou plaatsen. Carters opvolger Reagan had minder scrupules. In 1981 liep de neutronenbom als zoete broodjes van de band. De laatste bom van dit type werd in 1996 ontmanteld.

Cohen bleef zijn uitvinding verdedigen. Tijdens de Vietnamoorlog wees hij op het gebruik van neutronenbommen om Amerikaanse levens te sparen.

Samuel T. Cohen werd 89. Hij overleed aan maagkanker.

zaterdag 27 november 2010

Irvin Kershner : The Empire Strikes Back

In 1980 benaderde George Lucas de toen nog relatief onbekende Irvin Kershner met de vraag of hij zijn nieuwste Star Wars-prent wou regisseren. The Empire Strikes Back zou het vervolg worden op Lucas' kaskraker A New Hope uit 1977. Kershner viel nogal uit de lucht met Lucas' verrassende keuze en vroeg hem nog waarom hij hem in Godsnaam had uitgekozen. "Well, because you know everything a Hollywood director is supposed to know, but you're not Hollywood," was het antwoord. Zo gezegd, zo gedaan: Kershner nam de job aan en regisseerde wat volgens kenners nog altijd de beste film van de reeks is.
Na zijn werk voor Luxas was Kershner binnen in Hollywood en kreeg hij de ene opdracht na de andere. In 1983 regisseerde hij de comeback van Sean Connery als James Bond in Never Say Never Again. In 1990 nam hij Robocop 2 onder handen.
Naast regisseur was hij ook even acteur in Scorcese's The Last Temptation of Christ (1988). Daarin speelde hij Zebedee, de vader van de apostelen Johannes (gespeeld door de onlangs ook schielijk overleden Michael Been) en Jacobus.
Irvin Kershner werd 87.

Hier de trailer van The Empire Strikes Back:





En die van Robocop 2:


dinsdag 23 november 2010

Ingrid Pitt : De diva van de Hammer-studio's


Tussen de jaren '50 en '70 ontstond er zoiets als 'Hammer Horror'. Slimgemaakte, low budget horrorfilms werden losgelaten op het toenmalige publiek en kregen al snel een ware cultstatus. Christopher Lee bijvoorbeeld maakte zijn naam door om de haverklap als Dracula te verschijnen in een Hammer-productie. En waar Dracula opgevoerd werd, was er ook de vrouwelijke versie van de slechterik. En die rol werd meestal vertolkt door Ingrid Pitt.
Pitt werd geboren in Polen als Ingoushka Petrov. Tijdens de Twede Wereldoorlog werd ze samen met haar familie opgesloten in een concentratiekamp. Ze overleefde het, verhuisde naar Berlijn en trouwde met een Amerikaanse GI. Ze verhuisde naar California, keerde even terug toen haar huwelijk op de klippen liep, maar al gauw was ze weer in Hollywood. Daar verdiende ze aanvankelijk geld als serveuse. Van nature uit een brunette, kleurde ze haar haar regelmatig blond.
Haar filmdebuut was in Doctor Zhivago (1965), waar ze een klein rolletje had. In 1968 mocht ze naast Clint Eastwood en Richard Burton verschijnen in Where Eagles Dare. Maar het was haar werk in de jaren '70, bij de Hammer Studios, waar ze beroemd werd. Het begon in 1970 met The House that dripped Blood, in datzelfde jaar nog gevolgd door The Vampire Lovers. En jaartje later had ze één van haar beroemdste rollen als Countess Dracula (1971), een horrorprent gebaseerd op de verhalen rond het leven van de Hongaars gravin Báthory, de 'Bloedgravin'. In The Wicker Man (1973) had ze weer een klein bijrolletje. In 1983 verscheen ze zelfs in de Bondfilm Octopussy. Andere notoire films waren Who dares, wins (1982), Wild Geese 2 (1985) en Hannah's War (1988).
Ze werd steevast gecast als de 'baddie' van de film en werd bijna altijd gruwelijk vermoord aan het einde van de film. In 1998 was ze nog de vertelstem op de CD Cruelty and the Beast van Craddle of Filth.
Ingrid Pitt werd 73.

De trailer van Countess Dracula kan je hier vinden, en die van The Vampire Lovers volgt hieronder:


zondag 21 november 2010

Guillaume van der Graft : Romp de ligman

SCHRIJVENDERWIJS

Schrijvenderwijs was ik ingeslapen,
schrijvenderwijs werd ik wakker bij nacht
omdat er woorden stonden te blaten
onder het open raam waar ik lag.

Wie had hen daar bijeengedreven,
was het de honger of was het de wind?
Ze stonden in een beginnende regen
doodstil te kleumen op het grind.

Toen heb ik ze mee naar boven genomen,
de grote ruit van de spiegel besloeg.
Ik had voordien nooit geweten hoe men
woorden halfslapend naar boven droeg.

Maar 's morgens vroeg toen ik ontwaakte
waren ze weg en de deur stond los.
De zon scheen hoog en droog, er zaten
vogels te lachen in het bos.

(uit Guillaume van der Graft,
Vogels en Vissen, 1953)


De Nederlandse dichter Guillaume van der Graft is op 90-jarige leeftijd overleden. Guillaume van der Graft was de schrijversnaam van Willem Barnard, een predikant van de Gereformeerde Kerk. Van der Graft debuteerde als dichter na de oorlog (die hij in Berlijn doorbracht in het kader van de Arbeitseinsatz omdat hij had geweigerd de loyaliteitsverklaring te ondertekenen) met de bundel In Exilio (1946).

Zijn grote doorbraak kwam er in 1953 met zijn bundel Vogels en Vissen. Van der Graft nam -evenals bijvoorbeeld Leo Vroman en Hans Lodeizen- een dubbelzinnige positie in in het toenmalige literaire landschap, tussen de traditie en de literaire vernieuwing van de Vijftigers in. Levensbeschouwelijk staat hij met zijn christelijke inspiratie mijlenver van het nihilisme van Lucebert en consorten. Van der Graft zag het als de profetische taak van het dichten om de bedreigingen van het menszijn te bezweren. Waar hij wel aansluiting vindt bij het experiment is in de autonomie van de taal. Zijn beroemde gedicht Romp de ligman hieronder is een mooi voorbeeld van de vernieuwende poëtische beeldentaal waarvan hij gebruik maakt. De taal bestaat niet enkel meer uit een een aaneensluiting van verwijzende tekens, de aandacht verschuift naar de verschijningsvorm zelf.

Onder zijn eigen naam Willem Barnard genoot hij ook aanzienlijke bekendheid als één van de voornaamste dichters van het Liedboek voor de Kerken (1973), tegenwoordig het meest gebruikte liedboek van de protestantse kerken in Nederland waarin de psalmen na meer dan 200 jaar eens een nieuwe berijming kregen. Hij was ook de vader van auteur Benno Barnard.

Guillaume van der Graft publiceerde in totaal meer dan 25 dichtbundels doorheen zijn carrière. Als toemaatje hieronder één van zijn meest vermaarde gedichten.

ROMP DE LIGMAN

Het huis is opgegroeid in 't gras
en Romp de ligman woont erin
met zijn huisdieren

en dat is niet Blaat het afwachtschaap
of Aalmoes de aaipoes of
het spiegelhondje Ego

maar dat is Ha
de tamme kijkvos van mijn ogen
en Schuw de wurgkip van mijn keel
en dat is Ook
de lange vogel in de luisterwei
en het handrattenpaar met hun tien jongen

maar het intiemste huisdier
is Wim de witte denkworm in het hout
wanneer tenminste niet
het angstinsect zijn sprieten scherpt
naamloos op 't middenrif.

(uit Guillaume van der Graft,
Vogels en Vissen, 1953)

donderdag 18 november 2010

Samuel Kunz : Op wacht in Belzec


Het gebeurt niet elke dag dat je beticht wordt van medeplichtigheid in de moord op 430.000 mensen, maar het overkwam Samuel Kunz. De Rus zat eerst bij het Rode Leger, maar in de eerste oorlogsmaanden van Operatie Barbarossa, toen de Duitse oorlogsmachine honderdduizenden krijgsgevangenen maakte en hele Sovjetlegers de pan inhakte, werd hij gevangengenomen. Hij kreeg de keuze: ofwel in het krijgsgevangenenkamp blijven, of dienst nemen bij de Nazi's als bewaker. Aangezien de Russen bij bosjes stierven in Duitse krijgsgevangenschap - een slordige 2 miljoen in het begin alleen al - koos Kunz wijselijk (?) voor een carrière bij de SS.

Hij kreeg een training met 5.000 andere gevangenen in het SS-kamp Trawniki. Daar zat ook John Demjanjuk een opleiding te volgen. Na zijn training mocht Kunz het geleerde in de praktijk omzetten in het vernietigingskamp Belzec. Daar was hij mee verantwoordelijk voor de "verwerking" van nieuw gearriveerden. Concreet hield dit in dat Kunz ze van de treinen naar de gaskamers jaagde. Daar werden de vrouwen eerst kaal geschoren, om ze vervolgens en masse in de kamers te proppen. Na hun vergassing hielp Kunz om de lijken in massagraven te smijten.

In Belzec zou hij minstens 10 personen eigenhandig vermoord hebben. Acht gewonden maakte hij af, de andere twee probeerden te vluchten en werden door Kunz neergeknald. Eind 1943 werd Belzec opgedoekt en ging Kunz werken in het Beierse concentratiekamp Flossenburg. Daar werd hij aan het einde van de oorlog opgepakt, maar later weer vrijgelaten.


Na de oorlog kreeg hij de Duitse nationaliteit en verhuisde hij naar Bonn. Daar leefde hij rustig verder, eerst als ambtenaar, dan als timmerman in het Ministerie van Bouw. Hij werd wel opgeroepen als getuige in verband met alles wat er in Belzec en Trawniki gebeurd was - in 1969, 1975 en 1980 - maar zelf werd hij nooit verdacht. In die tijd hadden de aanklagers geen oog voor "kleine garnalen" zoals Kunz. Dat veranderde pas in juli 2010, toen zijn naam bijna per ongeluk boven kwam drijven in het onderzoek van John Demjanjuk. Al snel werd hij aangeklaagd.

Het proces was voorzien voor begin volgend jaar, maar Kunz ontsprong de dans door te sterven.

Samuel Kunz werd 89.

zaterdag 13 november 2010

Richard Van Genechten : de Brusselse berggeit

De Belgische wielrenner Richard Van Genechten is op 80-jarige leeftijd overleden in zijn slaap. Deze Brusselse ket werd profrenner in 1953. Hij was voornamelijk een zeer getalenteerd klimmer. In 1955 maakte hij tijdens zijn derde deelname aan de Tour de France zwaar furore door mee te dingen naar de trui van beste klimmer, met onder andere een legendarische prestatie in de etappe naar de Mont Ventoux. De bergtrui genoot in die tijd nog bijzonder veel aanzien en de Anthony Charteaus van deze wereld waren dan ook compleet kansloos om die te winnen. Van Genechten werd uiteindelijk derde in het bergklassement na twee van de meest gevleugelde berggeiten uit de koersgeschiedenis, Federico Bahamontes en Louison Bobet. Van Genechten kon ook goed uit de voeten in de ééndagswedstrijden. Zo reed hij in 1956 een vreselijk sterk klassiek voorjaar met 2de plaatsen in Gent-Wevelgem en Luik-Bastenaken-Luik, en de zegebloemen in de Waalse Pijl. Die laatste bleef zijn belangrijkste overwinning, naast ook de Ronde van Catalonië (1958) die hij als eerste Belg wist te winnen. In 1961 hing Richard Van Genechten zijn fiets aan de wilgen.

donderdag 11 november 2010

Dino De Laurentiis: de puntjes op de ii


Dino De Laurentiis (wat de spellchecker ook beweren mag: met dubbel-i) is niet meer. De in 1919 geboren Italiaanse filmproducer is verantwoordelijk voor een hele rits prenten, waarvan u er waarschijnlijk meer gezien heeft, dan u zelf vermoedt: van knuddige fantasy-slasher Conan the Barbarian uit 1982 tot prestigieuze A-lijst thriller Hannibal van Ridley Scott uit 2001... in het lijstje van de bijna 150 films waarvoor hij als producer tekende, kunt u er vast een heleboel aankruisen.
En als u dat lijstje doorneemt, merkt u dat De Laurentiis het graag groots aanpakte en niet vies was het bizarre. Barbarella (1968), Flash Gordon (1980), Dune (1984) of Blue Velvet (1986): stuk voor stuk films met epische ambities, gigantische sets en karikaturistische, vaak ronduit weirde personages.

Dino De Laurentiis werd 91.

Het is moeilijk om uit de gigantische bibliotheek De Laurentiis-materiaal, dat op YouTube beschikbaar is, een keuze te maken, dus laten we ons leiden door persoonlijke voorkeur. Geniet van een streepje Flash Gordon:

dinsdag 9 november 2010

Harry Mulisch : 'Nu ben ik in de hemel'


'Nu ben ik in de hemel.' Zo reageerde Harry Mulisch in 2006 op het bericht dat er een planetoïde naar hem vernoemd was - de 10251 Mulisch. Hij voelde zich gevleid, omdat hemellichamen, in tegenstelling tot Nobelprijswinnaars, nooit vergeten worden. Het zou niet de laatste straffe uitspraak zijn van Mulisch en het bezorgde hem in ieder geval geen extra fans. Maar hoe je het ook bekijkt, om Mulisch kan je nu eenmaal niet heen. Alleen al het feit dat hij de meest vertaalde schrijver uit de Nederlandstalige literatuur is, spreekt boekdelen. Naast Chinees, Duits, Engels en Frans kan je hem ook lezen in het Afrikaans, Ijslands, Esperanto en het Albanees - niet onmiddellijk voor de hand liggende talen. Zijn belangrijkste werk, De ontdekking van de hemel, werd in 2007 nog verkozen tot het beste Nederlandstalige boek aller tijden. In 2001 was het boek al verfilmd door Jeroen Krabbé als The discovery of heaven.

"Ik heb de oorlog niet zozeer 'meegemaakt', ik ben de Tweede Wereldoorlog." Weer een staaltje van bescheidenheid (we verwachten ook niet anders), maar er zat wel een kern van waarheid in. Zijn grootmoeder en overgrootmoeder van moederskant kwamen in concentratiekampen terecht, zijn moeder was een joodse en zijn vader was een collaborateur. Niet echt een alledaagse situatie, die zijn sporen naliet op zijn oeuvre.

Hoewel hij ook toneelstukken en poëzie schreef, werd hij vooral bekend door zijn romans. Zijn bekendste werken waren Twee Vrouwen, De Aanslag, De ontdekking van de hemel en zijn laatste roman Siegfried. Altijd kwam ergens wel de Tweede Wereldoorlog terug.

Vanaf de jaren '70 werd hij bij het triumviraat van de 'Grote Drie' gerekend: samen met Willem Frederik Hermans en Gerard Reve werd hij zo één van de drie belangrijkste naoorlogse Nederlandse schrijvers. Na het overlijden van Hermans en Reve grapte Mulisch - typisch - wel eens dat hij nu de 'Grote Eén' geworden was.

Je bent er misschien geen fan van, maar (sommigen gaan het niet graag horen) ergens had hij wel gelijk toen hij zei: 'Ik ben een groot schrijver, daar helpt geen moedertjelief aan.' Past overigens perfect bij een andere uitspraak van hem: 'Ofschoon ik een grondige hekel heb aan zelfingenomenheid, ontveins ik mij niet, dat ik vaak zeer onder de indruk was als ik aan mijzelf dacht. Iemand als ik kwam niet alle dagen voor, om het zacht uit te drukken. Als ik aan andere mensen dacht, moest ik wel eens lachen.'

Misschien lachen er nu een paar mensen dat hij het hoekje om is. Op 7 september 2009 waren er al een paar die in vreugdetranen uitbarsten toen het bericht kwam dat hij overleden was. Het bleek niet waar te zijn, maar nu zit hij dan misschien toch wel in 'zijn' hemel. Een hemel delen met God lijkt me wat moeilijk voor hem - twee betweters op dezelfde plek is nog nooit echt een goeie combinatie geweest.

Harry Kurt Victor Mulisch overleed tenslotte aan kanker op 30 oktober. Hij was 83.

maandag 8 november 2010

Emilio Massera : Commandant Nul

In 1976 vond het Argentijnse leger dat het wel genoeg geweest was. Een militaire junta zette president Isabel Martínez de Perón af en regeerde het land de volgende zeven jaar via het Nationale Proces van Reorganisatie. Nominaal hoofd was generaal Jorge Videla, maar die werd uiteraard bijgestaan door nog wat foute vriendjes. Eén daarvan was generaal Emilio Eduardo Massera, bijgenaamd 'Commandant Nul'.

Massera was degene die er niet voor terugschrok om met de grove borstel door de Argentijnse samenleving te gaan, om alle 'terroristische' elementen weg te zuiveren. Hij stond aan het hoofd van de ESMA, een opleidingscentrum van de Argentijnse marine, waarvan hij de opperbevelhebber was. Daar werden er vanaf dag 1 van de coup mensen vastgehouden en gemarteld. Van de 5.000 gevangenen die ooit in ESMA zaten, waren er maar honderd die het konden navertellen in 1983, toen de dictatuur ten einde kwam. De overige 4.900 werden meestal voor het vuurpeleton gezet. De mooie term hiervoor was een 'transfer', alsof het om een doorsnee verplaatsing naar een andere gevangenis ging. De transfer was naar de kelders van het gebouw, waar ze neergeknald werden, waarna hun lichamen op het nabijgelegen sportveld gecremeerd werden. Een andere methode was hen in een vliegtuig stoppen dat hen boven de Rio de la Plata liet vallen, een zogenaamde 'doodsvlucht'. Massera was ook persoonlijk aanwezig bij de eerste 'ondervragingen'.

Na de dictatuur werd hij in 1985 veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. In 1990 kreeg hij gratie van president Carlos Menem, maar in 1998 werd hij weer voor het gerecht gesleept, ditmaal omwille van zijn aandeel bij het weghalen van baby's bij tegenstanders van het regime.

Spijt toonde hij nooit. De martelpraktijken deed hij af door te zeggen dat je een 'terrorist' niet op dezelfde manier vragen kan stellen als een kind. In Spanje, Frankrijk, Duitsland en Italië werd zijn zaak ook onderzocht, omdat hij een paar burgers van die landen om zeep had geholpen. In 2003 hielp Moeder Natuur hem een handje door hem een hersenbloeding te bezorgen. De rest van zijn jaren bracht de generaal door als een kasplant. In 2007 werd afgezien van vervolging, omdat hij niet meer in staat was om een proces te ondergaan.

Emilio Massera werd 85.

zaterdag 6 november 2010

Michael Seifert : Het Beest van Bolzano

Toen de Duitsers in juni 1941 de Sovjetunie binnenvielen, was Michael 'Mischa' Seifert een eenvoudige machinewerker in een fabriek in de buurt van Odessa. Het 'meesterras' liet al snel zijn ogen vallen op Seifert: hij was immers een 'Volksduitser', een afstammeling van Duitse inwijkelingen in Rusland die zich daar in de 19e eeuw gevestigd hadden. En, wat waarschijnlijk de doorslag gaf, hij sprak ook nog eens Russisch en had een gloeiende hekel aan de Sovjetunie. Dat laatste was niet zo moeilijk, aangezien de familie verdacht werd van Nazisympathieën, waardoor zijn vader zijn job was kwijtgeraakt.
Seifert mocht aan de slag als bewaker. Daar mocht hij getuige spelen bij 'verhoren' - een mooi Nazi-eufemisme om iemand compleet verrot te slagen en te mishandelen om toch maar ergens informatie te krijgen, of gewoon voor het plezier. Naar eigen zeggen stond Seifert er toen nog gewoon bij en keek hij alleen maar.
Toen de Sovjetpletwals de Duitsers almaar terugdreef uit Moedertje Rusland, werd Seifert overgeplaatst naar Noord-Italië. Daar ging het volledig fout met de Volksduitser. Hij kwam in het doorgangskamp Fossoli terecht. Daar werden alle 'ongewensten' doorgesluisd naar de moordfabrieken in onder meer Auschwitz, Mauthausen en Dachau. Tot ze op de trein gezet werden, moesten ze dwangarbeid verrichten onder het oog van Seifert. Die profiteerde ervan om een vrouw te verkrachten, waarvoor hij zowaar door de Duitsers voor een militaire rechtbank gesleept werd. Hij werd weer verplaatst, ditmaal naar Bolzano, het kamp dat de functie van Fossoli had overgenomen.
Daar kreeg hij zijn bijnaam 'het Beest van Bolzano'. Hij moordde er lustig op los: een zwangere vrouw werd verkracht en dan vermoord, een andere gevangene hongerde hij uit en nog één haalde hij letterlijk de ogen uit diens hoofd.
Na de oorlog dook Seifert onder in Duitsland en in 1951 slaagde hij erin om naar Canada te emigreren. Daar leefde hij rustig verder, tot hij in 2002 zelf opgepakt werd. Hij werd veroordeeld tot levenslang en in 2008 uitgeleverd aan Italië en vastgezet in de militaire gevangenis van Santa Maria Capua Vetere. Daar overleed het Beest van Bolzano, 86 jaar oud, toen hij viel en overleed aan de gevolgen van zijn verwondingen.

vrijdag 5 november 2010

Hajo Hermann : van de Luftwaffe naar het advocatenkantoor

Hans-Joachim Hermann ('Hajo' voor de vrienden) was één van de invloedrijkste leden van de Duitse luchtmacht tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hij begon zijn militaire carrière als infanterist, maar in 1935 ging hij bij de kersverse luchtmacht van het Nazi-rijk, de Luftwaffe. Hij verdiende zijn sporen bij het Condor-Legioen in de Spaanse Burgeroorlog (dat onder meer Guernica platbombardeerde en zo Picasso nog inspireerde). Toen de Tweede Wereldoorlog begon, zat hij in Polen en Noorwegen rond te vliegen. Tegen 1940 had hij zijn eigen squadron en was hij op Britten aan het schieten in de Slag om Engeland. In 1941 zat hij in Sicilië, Malta en Griekenland te vechten. Daarna werd hij bij de Duitse Generale Staf ingedeeld en werd hij goede vriendjes met Hermann Göring.
Daar ontpopte hij zich als een tactisch genie: hij was verantwoordelijk voor het merendeel van de innovaties van de Luftwaffe tijdens de oorlog, zoals speciale nachtvluchten gericht tegen de Geallieerde bombardementen. Dat laatste had als codenaam Wilde Sau - Wild Everzwijn.

Tegen het einde van de oorlog was hij één van de meest gedecoreerde soldaten van de Luftwaffe. Hij werd na de oorlog gevangengezet door de Russen en zou pas tien jaar later weer vrijkomen, in 1955.

Eenmaal terug in het vaderland, studeerde hij rechten (een logische stap, van Nazi naar advocaat). In zijn daaropvolgende advocatencarrière maakte hij al snel naam door oud-Nazi's, neo-Nazi's, Holocaustontkenners en andere beruchte extreem-rechtsen te verdedigen. Hij dook regelmatig op op tv, waar hij steevast de Holocaust ontkende en Groot-Brittannië ervan beschuldigde dat ze de oorlog hadden uitgelokt. 'Hajo' werd zo de meest omstreden advocaat van Duitsland. Beroemde klanten waren onder meer Otto Ernst Remer (een collega van de Wehrmacht die het complot tegen Hitler in 1944 had verhinderd en later ook Holocaustontkenner werd), David Irving (de beroemdste naoorlogse antisemiet en Holocaustontkenner) en Fred A. Leuchtner (een zelfverklaard expert op gebied van gaskamers die ook al de Holocaust ontkent).

Hajo Hermann werd 97.

donderdag 4 november 2010

Ivan Mertens : Vlaanderen Vlagt

De Vlaamse activist Ivan Mertens is op 75-jarige leeftijd overleden. Mertens, zijn leven lang een overtuigd flamingant, ging zich vooral na zijn pensioen inzetten voor de Vlaamse zaak. In 1998 werd hij voorzitter van de Vlaamse Volksbeweging. Dat bleef hij totdat hij in 2000 ontslag nam. Mertens vond dat de VVB zich teveel toelegde op het overtuigen van de reeds overtuigden en zocht een andere manier om mensen te bereiken en het flamingantisme aan te wakkeren. Daartoe stichtte hij in 2001 Vlaanderen Vlagt (Vl²). Deze vereniging van vrijwilligers, waarvan Mertens tot kort voor zijn dood de grote organisator en bezieler bleef, trekt naar allerlei sportmanifestaties, culturele evenementen, heiligverklaringen etcetera overal in Vlaanderen om er te gaan vlaggen met een grote hoeveelheid Vlaamse Leeuwen, dit naar analogie met wat bijvoorbeeld de Friezen en de Basken al jarenlang deden. Ze delen ook gratis kleine vlaggetjes en petjes uit en verkopen grote vlaggen en wielertruitjes. Al gauw trokken Mertens en co ook volop naar het buitenland. Na zijn overwinning op La Mongie waar hij de basis voor zijn zege in de Tour de France 2002 legde, gaf Lance Armstrong op deze berg een beroemd geworden persconferentie omgeven door een zee van leeuwenvlaggen. (Armstrong verklaarde trouwens ooit dat er maar twee vlaggen belangrijk zijn in de wereld: die van Texas en de Vlaamse Leeuw.)

Er kwam echter ook veel kritiek op Vlaanderen Vlagt. Zo belemmerden de vele dansende vlaggen vaak het zicht van toeschouwers ter plekke en op tv. In 2003 brak veldrijder Ben Berden zijn neus toen hij een vlaggenstok in zijn gezicht kreeg. Het meest beruchte incident kwam er in Parijs-Roubaix 2004. Leif Hoste was nog maar net gedemarreerd uit de groep der favorieten toen een Vlaamse Leeuw, die een zatte Vl²-vrijwilliger over de grond had laten slepen, tussen zijn spaken belandde en tegen dat hij het ding uit zijn wiel kreeg, had hij al lang de aansluiting en de koers verloren.

Ivan Mertens stoorde er zich aan dat het Vlaams-nationalisme en de Vlaamse vlag soms geassocieerd werden met uiterst rechts. Hij distantieerde zich dan ook uitdrukkelijk van het Vlaams Blok en ging er prat op om tijdens zijn manifestaties vooral veel allochtonen oftewel "nieuwe Vlamingen" aan te klampen, die volgens hem in groten getale warm liepen voor de Vlaamse Leeuw. Mertens zag het als zijn missionariswerk om de Vlamingen wat chauvinisme bij te brengen en de wereld Vlaanderen beter te leren kennen. Zijn einddoel bleef uiteraard de Vlaamse onafhankelijkheid (en liefst ook de hereniging van de Nederlanden). Hierover deed hij in een interview de nogal gezwollen uitspraak: "Maar het is fantastisch: je volk naar zijn vrijheid brengen." In de loop van de voorbije tien jaar verkocht Ivan Mertens meer dan 100.000 leeuwenvlaggen en deelde hij enkele honderdduizenden zwaaivlaggetjes uit.

Hieronder het meest onfrisse moment uit de geschiedenis van Vlaanderen Vlagt, de vlag die op het meest cruciale moment in het achterwiel van Leif Hoste komt te zitten in Parijs-Roubaix 2004 (vanaf 1:50):

maandag 1 november 2010

Charlie O'Donnell : Wheel of Fortune

In 1976 liet de BRT Rad der Fortuinen los op de nietsvermoedende televisiekijker. Het is nog geen Pak de poen-show (God zij dank, of helaas?), maar qua hilariteit kon en kan het soms nog tellen.

De idee erachter was simpel: draai aan een gigantisch rad, noem een klinker of medeklinker en ontdek zo het verborgen woord of het gezegde. Mike Verdreng presenteerde en werd bijgestaan door een bevallige assistente. Later nam Walter Capiau het over van Mike. In 1989 nam de kersverse commerciële zender VTM het concept over als Rad van Fortuin, met Luc Appermont en later Bart Kaël als presentator.

Het hele gedoe was overgewaaid uit de Verenigde Staten (uiteraard). Daar heette het oorspronkelijk Wheel of Fortune. En de aankondiger van dienst aldaar, Charlie O'Donnell is overleden. Van 1975 tot 1980 hoorde je zijn stem toen het spel begon. Van '80 tot '88 werd hij even vervangen door Jack Clark, maar toen die in '88 door Magere Hein werd opgehaald, werd O'Donnell weer de Stem van het Wheel of Fortune. Hij bleef dat ook tot zijn dood. Naast Wheel of Fortune kon je hem ook nog professioneel horen aankondigen op andere shows als daar zijn The Joker's Wild, Tic-Tac-Dough, Bullseye en The $100,000 Pyramid.
Hij overleed aan hartfalen, op 78-jarige leeftijd.

woensdag 27 oktober 2010

Néstor Kirchner : President en "First Gentleman"

Hoe je het ook draait of keert, Néstor Carlos Kirchener was waarschijnlijk de meest invloedrijke politicus van Argentinië sinds het tijdperk van de Peróns.

Kircherner, van Duits-Kroatische afkomst, groeide op in het zuiden van het land. Hij werd eerst burgemeester van zijn thuisstad Rio Gallegos en vervolgens provinciegouverneur. Omdat hij uit het diepe zuiden kwam, kregen zijn volgelingen al snel "Pinguins" als bijnaam.

Hij kwam bijna per ongeluk aan de macht: in de eerste ronde van de presidentsverkiezingen voor 2003 haalde hij amper 22%. Zijn tegenstander, de voormalige president Carlos Menem, trok zich echter terug uit de race, zodat Kirchner als enige deftige kandidaat overbleef.

En eens hij aan de macht was, voerde hij een hele resem hervormingen door die het land uit het slop haalden waar het de voorbije decennia in terecht gekomen was. Op economisch gebied trok hij de economie weer op gang door de massale schuldenberg van Argentinië aan te pakken. Door in sojaproductie te investeren, gaf hij het land een boost dat het al in jaren niet meer ervaren had.

Maar het was vooral op het gebied van de mensenrechten dat Kirchner ophef maakte. Na de dictatuur van 1976-83 waren er twee amnestiewetten van kracht, die de militairen die het wat bont gemaakt hadden in die obscure jaren beschermde.

Al snel sprak men van het K-Tijdperk: Kirchner werd bijgestaan door zijn vrouw, Cristina, met wie hij in feite een politieke tandem vormde. Zij volgde hem ook op toen zijn ambtstermijn in 2007 afliep. Kircherner werd zo de "First Gentleman" van Argentinië. Beiden waren lid van de Perónistische partij, die nog steeds veel invloed heeft in het land. Kirchner zat niet stil en nam de leiding over van de Perónisten. Achter de schermen bleef hij volgens de geruchtenmolen rustig verder regeren.

Er gingen al geruchten de ronde dat Kirchner in 2011 terug voor de presidentiële sjerp zou gaan, om zijn vrouw op te volgen en het Kirchnertijdperk nog wat te verlengen, maar een hartfalen maakte een abrupt einde aan die ambitie.

Néstor Kirchner werd 60.

dinsdag 26 oktober 2010

Paul de octopus : de Madame Soleil van de weekdieren

De Duitse octopus en helderziende Paul is op 2-jarige leeftijd overleden. Paul leefde in het aquarium Sea Life Centre te Oberhausen. Tijdens het EK Voetbal van 2008 werd Paul door zijn verzorgers voor het eerst ingezet om de uitslag van de wedstrijden van de Mannschaft te voorspellen. In zijn aquarium werden twee doosjes gedropt, elk met een vlaggetje op en elk met een mossel in, het favoriete voedsel van de octopus. De gepronostikeerde winnaar was het land welks vlag op het doosje kleefde met de mossel die hij als eerste opvrat. De toen nog piepjonge Paul moest zijn paranormale gave blijkbaar nog wat verfijnen want hij voorspelde twee van de zes wedstrijden verkeerd. Tijdens het WK 2010 in Zuid-Afrika deed men echter opnieuw een beroep op Paul om de wedstrijden van Duitsland te voorspellen. Match na match kreeg de achtarmige profeet gelijk, zelfs toen hij in de voorronde een overwinning voor Servië had voorspeld. Aan de vooravond van de halve finale had hij al 5 matchen op rij goed. Het orakel van Oberhausen groeide over de gehele wereld uit tot dé hype van het WK (waarbij hij zelfs de vuvuzela van haar bedenkelijke troon stootte). Voor de halve finale van Duitsland waagde Paul het echter om tegenstander Spanje te kiezen. Meteen verwerd Paul van nationale mascotte tot volksvijand nummer 1. De Duitse tabloids namen zelfs het woord "verrader" in de mond. Maar helaas voor onze oosterburen kreeg de inktvis wederom gelijk. Ook de kleine finale en de finale voorspelde Paul goed zodat hij het WK afsloot met een perfect palmares van 8 op 8. Voor eindwinnaar Spanje werd Paul een nationale held en er werd grof geld geboden om hem in Spaanse handen te krijgen. Het aquarium van Oberhausen weigerde echter en stuurde de waarzegger op een welverdiend pensioen. Later werd de arme Paul door de Iraanse president Ahmadinejad nog in verschillende toespraken zowaar aangevallen als het symbool bij uitstek van de decadentie en het verval van de westerse wereld.
Diego Maradonna, die bondscoach van Argentinië was toen dat land een door Paul gepronostikeerde nederlaag tegen Duitsland opliep in de kwartfinales van het WK, heeft de octopus naar aanleiding van diens overlijden al zeer direct aangesproken op zijn Twitter-pagina: "Ik ben blij dat jij bent heengegaan. Door jouw schuld hebben we het WK verloren." Paul was bijna drie jaar toen hij aan natuurlijke oorzaken stierf, stokoud voor iemand van zijn soort. Tot slot geven we nog mee dat de statistische kans om met dit soort van 'toss of a coin'-methode alle 8 wedstrijden juist te voorspellen 1 op 256 bedraagt, oftewel 0,39%, wat sommigen sterkt in hun geloof dat Paul de octopus wel degelijk in de toekomst kon kijken...

Hieronder zien we Pauls controversiële en zijn vaderland tot wanhoop drijvende voorspelling voor de halve finale:

Mbah Maridjan : De bewaker van de Merapi

Mbah Maridjan omschreef zijn job ooit als "ervoor zorgen dat er geen lava naar beneden stroomt. De vulkaan moet ademen, niet kuchen." En hij kon het weten. Mbah Maridjan - oftewel Grootvader Maridjan - werd geboren als Mas Penewu Suraksohargo en was de bewaker van de Merapi. De Merapi (Indonesisch/Javaans voor Vuurberg overigens) is een vulkaan in Centraal-Java.

Maridjans job bestond uit het sussen van de vulkaan en ervoor te zorgen dat de berg zich koest hield. Hiervoor ging hij regelmatig in en rond de krater bloemen en offerandes leggen. Jaarlijks werd er nog eens een grote processie gehouden, de Labuhan, waarin dat alles nog eens in het groot werd overgedaan. Om de acht jaar kreeg de vbulkaan ook nog eens een zadel aangeboden. Om de Merapi onder controle te houden, kreeg Maridjan een salaris van $1 per maand.

Er waren ook wat risico's aan verbonden. Hij woonde een miezerige 5 km van de vulkaan af. Toen die in mei 2006 moeilijk deed, weigerde Maridjan weg te gaan - hij vond dat zijn job vereiste dat hij bleef. Een uitbarsting van de Merapi later lag Maridjan onder zijn ingestorte huis en de volgende 5 maande lag hij in het ziekenhuis. De Indonesiërs vonden het geweldig en hij werd wijd en zijd beroemd.

En toen de Merapi op 26 oktober weer van zich liet horen, was het weer van dat. Maridjan bleef weer waar hij was. Een pyroclastische wolk van de vulkaan - een gigantische muur van gas en asse van 1000°C - stormde over zijn woonplaats. Alleen de moskee in het dorp stond nog recht. Maridjan werd in een biddende houding teruggvonden. Rondom hem werden nog 13 mensen gevonden, die tot op het laatste moment geprobeerd hadden om hem ervan te overtuigen om te evacueren...

Mbah Maridjan werd 83 voor de Merapi hem tot zich nam.
En om u een idee te geven wat de Merapi allemaal kan:

woensdag 20 oktober 2010

Bob Guccione : Penthouse & Caligula


"Sickening, utterly worthless, shameful trash." Dat was het meedogenloze verdict van de filmcriticus Roger Ebert toen in 1979 de prent Caligula op de bioscoopzalen werd losgelaten. Het zou één van de weinige films worden waaruit Ebert ooit wegwandelde - "two hours into its 170 minute length." De "beste" kritiek hoorde Ebert volgens hem van een dame die aan het drankfonteintje stond: "This movie is the worst piece of shit I have ever seen."

De cast was nochtans fenomenaal: Malcolm McDowell (A Clockwork Orange) speelde de getikte Caligula en werd bijgestaan door andere sterren als Peter O'Toole (keizer Tiberius), John Gielgud (Nerva) en Helen Mirren (Caesonia, de laatste vrouw van Caligula). Het addertje onder het gras waren de producenten: Tinto Brass en nu wijlen Bob Guccione. Het script was geschreven door Gore Vidal. Brass was al bekend voor zijn erotisch getinte films en het was dan ook geen verrassing dat er serieus veel bloot in de film voorkwam. Maar ook Guccione nam een paar scènes voor zijn rekening, die iets explicieter waren dan wat ze (zelfs) in de jaren '70 in de mainstream cinema gewend waren.

Bob Guccione was sinds 1965 de uitgever van het mannenblad Penthouse. Penthouse was opgevat als een concurrent van Hugh Heffner's Playboy, maar iets meer down to earth. In de beginjaren van het blad zat Guccione zonder geld en nam hij zelf het merendeel van de fotoshoots voor zijn rekening. Maar Penthouse groeide fenomenaal en al snel zwom Guccione in het geld. En dat geld pompte hij ook in Caligula. De "historische" film begon nog op het gemak (zelfs als je de orgiescènes op het eiland Capri wegdenkt, waar Peter O'Toole de syphiloïde keizer Tiberius vertolkt), maar naarmate de minuten verstreken, werd de prent explicieter. Malcolm McDowell ramt op een bepaald punt zijn arm in de aars van een bruidegom, de helft van de cast wordt verkracht, gecastreerd of vermoord (of alledrie) en in de finale loopt het helemaal de spuigaten uit en wordt het eigenlijk gewoon porno met een zweem van kunstzinnigheid. Newsweek Magazine vatte het allemaal nog eens mooi samen met de kritische reflectie dat Caligula "a two-and-a-half-hour cavalcade of depravity that seems to have been photographed through a tube of vaseline" was. Met dank aan Bob Guccione, die de "stevigste" scènes voor zijn rekening nam. Er zijn nog verschillende versies van de film in omloop, met als kers op de taart de uiterst zeldzame onuitgebrachte versie van Gucccione himself, 210 minuten lang, die nog officieus in Cannes getoond werd.

Guccione trok het zich allemaal niet aan. Slechte reclame is immers ook reclame, zo zal hij gedacht hebben. In zijn latere jaren kreeg hij het nog wat hoger in zijn bol en maakte hij zelfs plannen voor de bouw van een kerncentrale - die nooit het levenslicht zag. De populariteit van Penthouse daalde echter altijd maar, ondanks inspanningen van Guccione om toch maar weer uit het slop te geraken, zoals een tevergeefse poging om Monica Lewinsky voor zijn fotolens te krijgen. Het mocht allemaal niet baten, in 2003 ging het blad bankroet en trad Guccione af als voorzitter van Penthouse International, Inc. Hij kreeg longkanker en dat deed hem uiteindelijk de das om. Bob Guccione overleed twee dagen voor zijn tachtigste verjaardag.

De Trailer zegt al genoeg:



maandag 11 oktober 2010

Georges Rutaganda : de Slachter van Rwanda


In de ongeveer honderd dagen tussen 6 april en midden juli 1994 werden er in Rwanda minstens 800.000 mensen naar de andere wereld geholpen. Sommige cijfers spreken zelfs van één miljoen - ongeveer 20% van de toenmalige bevolking. De slachtoffers waren de etnische Tutsi-minderheid en de Hutu-voorstanders van de vredesgesprekken die in het land gaande waren.
Eén van de architecten van die genocide is in zijn cel overleden. Georges Rutaganda was de vice-voorzitter van de Interahamwe, een Rwandese Hutu-militie. Toen het vliegtuig van de Rwandese president Habyarimana - een Hutu - neergeschoten werd, was dat het startsein voor een orgie van etnische zuiveringen. Rutaganda's stem was heel de tijd te horen op de beruchte Radio Télévision Libre des Mille Collines in de hoofdstad Kigali. Mille Collines zat heel de tijd anti-Tutsi retoriek uit te kakken, met rutaganda op kop. Die zat de Hutu's aan te moedigen om alle Tutsi's de kop in te slagen - of, in dit geval, aan stukjes te hakken met machetes. Wat ook vakkundig gebeurde. Rutaganda zond ook de vermoedelijke verblijfplaatsen van de slachtoffers uit, waar ze op dat moment waarschijnlijk naar gevlucht waren, opdat de milities hen beter konden opjagen.
Ook over Rutaganda zelf doen er heel wat verhalen de ronde. De voormalige zakenman nam vrouwen gevangen, die hij dan vasthield in de gebouwen van de Interahamwe in Kigali. Daar werden ze verkracht, gemarteld en vermoord. Rutaganda was er blijkbaar ook heilig van overtuigd dat Hutu-prostituées allemaal heksen waren. Een getuige vertelde hoe Rutaganda een man afmaakte met een machete, om zich vervolgens om te draaien naar de verzamelde menigte en te zeggen dat dit de manier was waarop men met Tutsi's moest omgaan.
In 1995 werd hij opgepakt en veroordeeld tot een levenslange gevangenisstraf. Hij overleed in zijn cel in Benin na een slepende ziekte. Rutaganda werd 51.

donderdag 7 oktober 2010

Antonie Kamerling : de kleine blonde dood

De Nederlandse acteur Antonie Kamerling heeft zich op 44-jarige leeftijd gezelfmoord. In 1990 werd Kamerling gecast voor een rol in de nieuwe serie Goede Tijden, Slechte Tijden, die zou uitgroeien tot de populairste soap uit de Nederlandse televisiegeschiedenis. Half Holland lag al snel dagelijks in zwijm voor de televisie telkens de jonge acteur met het knappe kopje en de halflange gouden lokken zijn opwachting op het kleine schermpje maakte. Kamerling wou echter meer en in 1993 stapte hij op bij GTST op zoek naar betere rollen en meer erkenning voor zijn acteerkwaliteiten. Die kwam er ook meteen toen hij werd genomineerd voor een Gouden Kalf voor zijn filmdebuut, een sterke hoofdrol in De Kleine Blonde Dood, de verfilming van de beroemde roman van Boudewijn Büch. In 1994 schitterde hij in de psychologische thriller Suite 16 van Dominique Deruddere. Dit was een ambitieuze Engelstalige film waarin Kamerling en Pete Postlethwaite een knap tweespel spelen als het jonge goddelijke lustobject en de oude pervert met teveel geld. Vervolgens speelde Kamerling een hoofdrol in het kassucces All Stars (1997), een komedie voor het grote publiek. In latere jaren moest de getalenteerde acteur spijtig genoeg berusten in toneelstukken, B-films en gastrollen in tv-series. Hij leed al jarenlang aan zware depressies en deed daar in diverse interviews ook openlijk kond over. Hieronder kan u Antonie Kamerling nog eens bewonderen in de trailer van Suite 16.


woensdag 6 oktober 2010

Charlie : bedelen om een saf

De Zuid-Afrikaanse aap Charlie is op 52-jarige leeftijd overleden. Charlie bracht zijn jonge jaren door in een circus totdat hij in de zoo van Bloemfontein belandde. Daar werd hij wereldberoemd als 'the smoking monkey'. Zijn voorliefde voor sigaretten kwam aan de oppervlakte telkens een bezoeker toevallig een brandende peuk door het hek smeet. Charlie raapte de peuk op en begon lustig te paffen. Zijn stiekeme slechte gewoonte raakte bekend bij het grote publiek en uiteraard gingen de mensen steeds vaker brandende sigaretten over het hek gooien. En als hij er geen kreeg dan liep hij op een rokende bezoeker toe en ging hij er met de armen in de lucht om bedelen. Cameramensen maakten gretig beelden van de rokende aap die een hit werd op televisie en op het internet. De bezoekersaantallen van de Bloemfontein Zoo boomden, maar de directie van de dierentuin kon Charlie's gedrag natuurlijk niet helemaal openlijk goedkeuren. Toen de aap doorkreeg dat zijn verzorgers niet op prijs stelden dat hij rookte, ging hij, telkens hij een saf bemachtigde, deze verstoppen en hen afleiden door een andere richting uit te lopen en schaapachtig naar hen te grijnzen. Het roken heeft zijn dood zeker niet bespoedigd. De directie van de dierentuin wijst er immers op dat Charlie met zijn 52 jaren stokoud was (gemiddeld worden chimpansees in gevangenschap slechts 40) en aan natuurlijke omstandigheden overleden is. In onderstaand filmpje kan u Charlie nog eens gretig weg zien smoren:

zondag 26 september 2010

Gloria Stuart : de hoogbejaarde oscargenomineerde

De Amerikaanse actrice Gloria Stuart is op 100-jarige leeftijd overleden in haar slaap. Stuart werd als actrice ontdekt in het begin van de jaren '30 door James Whale, de legendarische regisseur van onder andere de Frankenstein-films. Hij gaf haar eerst een rolletje in zijn horrorprent The Old Dark House (1932) naast Boris Karloff en daarna gaf hij haar zelfs de vrouwelijke hoofdrol in The Invisible Man (1933), nog steeds een absolute klassieker in het sciencefictiongenre. Gloria Stuart was bekend als één van de knapste meisjes van heel Hollywood en als dusdanig werd ze dan ook meestal gecast als een mooi, blond en niet al te snugger femme fragile-type. Na de oorlog had Stuart genoeg van het acteren en laste een hiatus in die maar liefst 30 jaar zou duren. Vanaf 1975 nam ze de draad weer op. In haar tweede carrière moest ze voornamelijk genoegen nemen met rolletjes in tv-films en series. Nog één groot moment de gloire zou echter volgen, toen ze door regisseur James Cameron werd gevraagd om te schitteren in Titanic (1997). In deze gigantische kaskraker speelde ze de 101-jarige Rose die het zinken van de Titanic had overleefd. Aan het begin en het einde van de film blikt de oude Rose terug op haar veel jongere zelf (gespeeld door Kate Winslet) en haar liefdesavontuur met Jack (Leonardo DiCaprio) die zijn leven zou geven om haar te redden. Voor deze rol kreeg de toen 87-jarige Stuart een oscarnominatie voor Beste Actrice in een Bijrol. Gloria Stuart blijft tot op heden de oudste persoon ooit die genomineerd werd voor de Academy Awards, een record dat moeilijk te breken zal zijn.


Hieronder Gloria Stuart als Flora in The Invisble Man, in een scène met Claude Rains die haar onzichtbare lover vertolkt.



En hier de trailer van Titanic (fragmenten van Stuart in de eerste minuut van het filmpje).

maandag 20 september 2010

Leonard Skinner : Lynyrd Skynyrd

In de jaren '60 was de dresscode in de Amerikaanse scholen nog iets strikter dan nu. Zo ook in de Robert E. Lee High School in Jacksonville, Florida. En daar stond ene Forby Leonard Skinner les te geven. Skinner was de gym teacher van dienst. Onder zijn leerlingen bevonden zich onder meer de dan nog onbekende Ronnie Van Zant, Gary Rossington en Bob Burns. Het schoolreglement schreef toen voor dat lang haar uit den boze was. Skinner volgde dat reglement tot op de letter en kwam al snel in de clinch met zijn leerlingen. De emoties liepen wat hoog op en Rossington en nog wat volk mochten het gaan uitleggen bij de directeur, met een schorsing als gevolg.
Rossington en de zijnen hadden ondertussen een band opgericht en na hun onderonsje met Skinner besloten ze hun naam te veranderen in Lynyrd Skynyrd, als een soort van ironische hommage aan hun leraar. En zo werd een legende geboren. De klinkers werden opzettelijk veranderd, opdat Skinner hun geen proces zou aandoen. Lynyrd Skynyrd werd wereldberoemd vanaf de jaren '70.
Skinner zelf stopte in 1970 met lesgeven. Na een tijdje geraakte hij gewend aan de bandnaam en in 1975 liet hij hen zelfs toe om een foto van hem te gebruiken voor hun derde album, Nuthin' Fancy. Vanaf dan werd ook Skinner wereldberoemd. Hij begon in het midden van de nacht telefoontjes te krijgen van fans. Skinners commentaar daarop sprak wel boekdelen: 'They'd say, "Who's speaking", and I'd say Leonard Skinner, and they'd say "Far out", which it really wasn't at four in the morning.'
Later werd hij bevriend met enkele bandleden. Lynyrd Skynyrd speelde nog op de opening van Skinners bar The Still in Jacksonville. Hij koppelde zijn naam nog aan enkele andere bars, om zo ook wat van de roem mee te kunnen profiteren.
Skinner overleed aan de gevolgen van Alzheimer op 77-jarige leeftijd. Bij zijn dood omschreef de New York Times hem als 'arguably the most influential high school gym teacher in American popular culture'.

Lynyrd Skynyrd met Sweet Home Alabama:



Fud Leclerc : Belgique, 0 points...

Er moet altijd iemand de eerste zijn, dacht Fud Leclerc. Helaas voor hem werd hij inderdaad de eerste, maar niet zoals hij gehoopt had.
We schrijven 1962, het jaar van de Cubacrisis. In Europa kan het hun allemaal niet schelen, daar was het immers het Eurovisiesongfestival. Zestien deelnemers waren er toen nog maar. En België werd vertegenwoordigd door Fernand Urbain Dominic - alias 'Fud' - Leclercq. En onze Fud was geen groentje, integendeel. Hij had al naam gemaakt als de pianist van de Franse artieste en actrice Juliette Gréco. In 1962 stond hij voor de vierde keer voor ons land op de planken.
De allereerste keer organiseerde de European Broadcasting Union (EBU) de Eurovision Grand Prix in het Zwitserse Lugano, in 1956. Dat was ineens ook de enige aflevering waarin een land verschillende inzendingen kon doen. Gastland Zwitserland won toen. Fud was er ook, met het liedje Messieurs les noyés de la Seine. Een uitslag of een plek hebben we niet, alleen de winnaar is bekend.
In 1958 was hij er weer, met Ma petite chatte. Toen eindigde hij 5e op 10 deelnemers, met 8 punten. De foto dateert van zijn optreden toen. Zijn derde optreden was in 1960, met Mon amour pour toi. Leclerc strandde toen op de 6e plaats van de 13, met 9 punten.

En in 1962 was het weer van dat. Helaas voor onze Fud ging het toen iets minder. Hij stond er dus voor de vierde keer, waarmee hij nog altijd Belgisch recordhouder is. Maar hij werd toen vooral herinnerd omdat hij als eerste ooit op 0 punten eindigde. Geen enkel land had Ton nom ook maar iets gegeven. Fud was dan ook de laatste van de hoop. Een einde in mineur.

Daarna stopte Leclerc met optreden en ging hij in de bouwsector werken. Met Eurovisie 2005 verscheen hij nog eens op de RTBF als gast. Hij overleed in Brussel, 86 jaar oud.

En hier zijn deelname met Ton nom:

zaterdag 18 september 2010

Chris Aerts : een hoopje ellende

De Vlaamse kok en tv-persoonlijkheid Chris Aerts heeft zich op 34-jarige leeftijd gezelfmoord. Vorig jaar deed Chris samen met zijn vrouw Wendy mee aan het tweede seizoen van het populaire programma Mijn Restaurant, hét kijkcijferkanon van VTM. Daarvoor was hij reeds zijn hele beroepsleven werkzaam in de horeca, als sous-chef in allerlei restaurants en als kok bij een cateringsbedrijf. Het Mechelse echtpaar waren de kandidaten van de provincie Antwerpen en kregen een pand tot hunner beschikking in Turnhout dat ze de naam 't Gerecht schonken. Het was de droom van Chris om als winnaars van het programma uit de bus te komen en zo zijn eigen zaak te verkrijgen, iets dat anders niet voor hem zou weggelegd zijn omdat hij er de centen niet voor had. Vanaf het begin van Mijn Restaurant draaide die mooie droom echter behoorlijk in de soep. De kookkunsten van Chris bleken een drama te zijn en hiervoor werd hij door de beroemde chefkok en jurylid Peter Goossens veelvuldig zwaar op de korrel genomen. Zo sneerde deze onder andere dat Chris zijn risotto naar "woestijnzand" proefde. Goossens vond het zelfs nodig hem te komen voordoen hoe hij een lamskroon moest bakken en hoe hij een stuk vis moest zouten. De Nederlandse topchef en gastjurylid Sergio Herman maakte het tijdens een bezoek aan 't Gerecht helemaal erg. Na het proeven van een gerecht van Chris sprak hij zuchtend over "een hoopje ellende". "Dit geef ik nog niet aan mijn hond," ging hij verder in zijn verbale sloopwerk. Chris en Wendy maakten ook constant ruzie en de programmamakers aarzelden niet om hen voortdurend als de gedoodverfde losers onder de kandidaten te portretteren. Het werd zelfs zo erg dat Chris en Wendy de productie gingen smeken om hen iets minder negatief in beeld te brengen, kwestie van hun schoolgaande kinderen toch wat te sparen. Het publiek ging echter medelijden krijgen met de Mechelse underdogs en redde hen sms-gewijs tijdens twee nominatierondes. Vlak voor de finale werden ze dan toch weggestemd ten gunste van de Limburgse kandidaten. Bij hun exit uit 't Gerecht maakten Chris en Wendy een gebroken indruk.

Na afloop van het programma ging het voor Chris van kwaad naar erger. Zijn vrouw Wendy, dochter van komiek Nigel Williams, bleek een minnaar te hebben en vroeg de scheiding aan, uitgerekend op de dag van Chris zijn verjaardag. Hun huwelijksperikelen en moeilijke scheiding werden breed uitgesmeerd in de Vlaamse roddelpers. Bovendien had zijn deelname aan Mijn Restaurant Chris -zoals wel meer ex-deelnemers- met een serieuze schuldenberg opgezadeld. Met zijn voor heel Vlaanderen opgebouwde reputatie van prutser in de keuken was het ook niet evident om nog aan de bak te komen als kok. Hij werkte nog wel even als sous-chef in 't Kasteel van Brasschaat maar daar kreeg hij twee weken geleden ruzie met de chef en bolde het dan maar af. Verder kluste hij nog bij in de kantine van KV Mechelen. Chris leed naar verluidt erg onder de bakken kritiek die hij gekregen had tijdens Mijn Restaurant. Overal waar hij kwam bleven de mensen er ook grapjes over maken. In zijn afscheidsbrief schreef Chris: "Hadden we maar nooit meegedaan aan zo'n kutprogramma, dat heeft me volledig gekraakt." Ook verontschuldigde hij er zich in aan zijn drie jonge kinderen omdat hij hen niet meer zou zien opgroeien. In de nacht van vrijdag op zaterdag slikte Chris Aerts in een garagebox in de Grote Nieuwendijkstraat te Mechelen immers een overdosis pillen door.

zaterdag 11 september 2010

Kevin McCarthy : "They're here already! You're next! You're next!"

In 1956 verscheen één van de beste films in zijn genre op het witte doek: Invasion of the Body Snatchers. Het verhaal was simpel: een plantachtig ras uit de ruimte, de Pod People, vervangt langzaam maar zeker de mensheid door perfecte kopieën. De film was een overweldigend succes en werd later nog eens drie keer hermaakt, maar de eerste versie blijft volgens de critici nog steeds de beste.
En de hoofdacteur daarin is gestorven. De Amerikaan Kevin McCarthy speelde de rol van Miles Bennell, de lokale dokter in het boerengat Santa Mira. Daar krijgt hij al snel last van personen die klagen dat hun familie niet meer dezelfden zijn. Bennells ex-lief Becky Driscoll heeft dezelfde klachten over haar oom. Al snel ontdekken ze dat de wereld wordt overgenomen door de Pod People. Ze proberen te ontsnappen en iedereen te waarschuwen, maar Driscoll wordt zelf het slachtoffer van de Body Snatchers. In de finale wordt Bennell achtervolgd door de Snatchers, komt hij langs een snelweg terecht en probeert hij de passerende auto's tegen te houden en te waarschuwen voor het gevaar. Hij wendt zich plots rechtstreeks tot de camera (in 1956 was dat allemaal nog zeer nieuw) en schreeuwt "They're here already! You're next! You're next!".
Invasion of the Body Snatchers was zijn beroemdste film. Daarnaast draafde McCarthy nog op in films als Death of a Salesman (1951), de remake van Body Snatchers uit 1978 en Piranha (1978). In 2007 speelde hij mee met Anthony Hopkins in Slipstream. McCarthy vertolkte zichzelf en de film zit vol met referenties naar de cultklassieker uit 1956. Zijn laatste optreden was in Wesley (2009).
Kevin McCarthy werd 96.

En hier de trailer van Invasion of the Body Snatchers: