Alexander Isajevitsch Solzjenitsyn heeft ons op zijn 89 verlaten. De bekende Russische schrijver / historicus liet de wereld kennis maken met het grauwe bestaan van de Gulag, het werkkampsysteem van de Sovjetunie. Solzjenitsyn wist maar al te goed waar hij over schreef, want hij had er zelf genoeg tijd in doorgebracht. Hij diende als artillerieofficier voor het Rode Leger in de Tweede Wereldoorlog, waarin hij ook gedecoreerd werd voor zijn moedige optreden, maar in 1945 kreeg hij de veiligheidsdiensten op zijn dak omdat hij het gewaagd had om Stalin te bekritiseren in een brief. Hij werd veroordeeld voor anti-Sovjetpropaganda volgens het beruchte artikel 58 van het Sovjet-strafrecht, paragraaf 10 en 11 (het oprichten van een vijandelijke organisatie). De daaropvolgende 8 jaar bracht hij door in verschillende werkkampen in wat hij later de Gulag-Archipel zou noemen (geschreven in 1973). Vanaf 1953, na zijn vrijlating uit het systeem, leefde hij in ballingschap in Zuid-Kazakhstan, waar hij bijna stierf aan maagkanker. In 1962 publiceerde hij zijn eerste aanklacht tegen het systeem, Een dag in het leven van Ivan Denisovitsj, overigens met expliciete toestemming van toenmalig Sovjetleider Chroetsjov. Het zou ook het enige boek van Solzjenitsyn worden dat in Rusland verscheen voor 1990. Vanaf 1974 leefde hij in de Verenigde Staten en Zwitserland, na het schrijven van de Gulag-Archipel (waarvoor hij werd buitengekegeld uit de Sovjetunie na het voltooien van het eerste deel; de andere twee verschenen in Frankrijk). In 1970 ontving hij de Nobelprijs voor Literatuur. In 1994 kon hij terugkeren naar zijn vaderland, waar hij uiteindelijk ook zou overlijden aan een beroerte. De laatste jaren was de overlevende van de Archipel trouwens al niet veel meer in het openbaar verschenen. Hij werd nog omhelsd door toen nog president Putin bij het uitreiken van de Russische Staatsprijs. Nogal ironisch dat net een ex-KGB'er Solzjenitsyn beloonde voor het aanklagen van de Sovjetrepressie...
